Veelgestelde vragen

Zwangerschap

Wat wordt er gevraagd tijdens de intake ?

  • Jouw algemene gegevens, zoals je naam, adres, geboortedatum, verzekering en beroep.
  • Medische gegevens, zoals medicijngebruik, operaties die je hebt gehad, allergieën en eventuele aandoeningen zoals hart- en vaatziekten, diabetes of epilepsie. Ook de gezondheid van je partner komt ter sprake.
  • De verloskundige vraagt of je rookt, alcohol of drugs gebruikt, of je wel eens een blaasontsteking of koortslip hebt gehad en of je foliumzuur (hebt) gebruikt.
  • Je verloskundige stelt vragen over aandoeningen die binnen jouw familie of die van je partner voorkomen, zoals bijvoorbeeld een hoge bloeddruk, diabetes, heupdysplasie en/of andere aangeboren aandoeningen.
  • Ben je al eerder zwanger geweest? Dan spreekt de verloskundige de vorige zwangerschap en bevalling met je door en bespreekt bijzonderheden.

Hoe vaak kom ik op controle?

Het schema van de reguliere controles is:

  • Tijdens de eerste 24 weken van je zwangerschap: om de vier weken
  • Van 24 tot 32 weken: om de drie weken
  • Na 32 weken: iedere twee weken
  • Na 36 weken: elke week

Na de intake krijg je een geboortezorgplan toegestuurd, dit is een overzicht waarin staat van de controles met daarbij je kan zien wat er tijdens de verschillende controles wordt

Het schema van de standaard echo’s is:

  • 8 weken (vitaliteitsecho)
  • 11 weken (termijnecho)
  • 20 weken echo (SEO)
  • 32 weken (groei echo)

Ben je bezorgd dan bel je uiteraard gewoon naar de praktijk en kijken waar je behoefte aan hebt en wat er mogelijk is.

Wat gebeurt er tijdens een controle bij de verloskundige?

Tijdens de controle onderzoeken we of het goed gaat met jou en je baby. Daarvoor meten we je bloeddruk, voelen we aan je buik of je baarmoeder en de baby goed groeien en luisteren we samen met jou naar het hartje van de baby. We bespreken jouw vragen en eventuele gezondheidsklachten met je en vragen je of de baby goed beweegt. Ook krijg je advies over wat op dat moment voor je zwangerschap belangrijk is. Indien nodig zullen we een aanvullend onderzoek inplannen, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van een te snel stijgende bloeddruk of wanneer er twijfels zijn over de groei of de ligging van je kindje.

Wat moet ik regelen wanneer ik weet dat ik zwanger ben?

Zodra je weet dat je zwanger bent, meld je je bij ons aan middels het aanmeldformulier op onze website of per telefoon. De eerste keer dat je komt, krijg je veel uitleg, waarbij we je laten weten wat belangrijk is om te regelen. Heel veel is dat in het begin nog niet. De huisarts, de apotheek en de zorgverzekeraar weten wél graag dat je zwanger bent. Ben je niet getrouwd? Regel dan, samen met je partner, vóór de 24 weken van je zwangerschap de erkenning van het ongeboren kindje en de achternaam van de baby. Meld je ook op tijd aan voor kraamzorg, liefst voor je ongeveer 14 weken zwanger bent. Ook kun je je aanmelden voor Moeders voor Moeders. Daarmee help jij andere vrouwen bij het vervullen van hun kinderwens.

Wat moet ik doen bij bloedverlies?

Als je net zwanger bent, kan het heel verontrustend zijn wanneer je te maken krijgt met bloedverlies. Het komt echter veel voor. Licht bloedverlies kan reden tot bezorgdheid zijn, maar dat hoeft zeker niet altijd het geval te zijn. Bij ongerustheid mag je altijd contact met ons opnemen.

Hoe groot is de kans op een miskraam?

Een miskraam is het verlies van een niet-levensvatbaar vruchtje in de eerste twaalf tot veertien weken van je zwangerschap. Ongeveer één op de tien zwangerschappen eindigt in een miskraam. Ga niet teveel zoeken naar redenen waarom je een miskraam krijgt, meestal is het pure pech en is het vruchtje in aanleg niet in orde geweest.

Wanneer moet ik de verloskundige bellen?

Zeker bij een eerste zwangerschap maar ook tijdens een volgende zwangerschap kan het soms lastig zijn om te bepalen wanneer je nu wel of juist niet de verloskundige moet bellen. Want wat is een normaal verschijnsel van je zwangerschap? Waar moet ik me wel of geen zorgen over maken? Wanneer je ongerust bent mag je altijd contact met ons opnemen, wij geven je uitleg en bepalen of er op dat moment actie nodig is.


Bevalling

Kan ik thuis bevallen?

Thuis bevallen kan wanneer er sprake is van een gezonde zwangere en een gezonde zwangerschap. Dat betekent dat de controles bij de verloskundige goed zijn verlopen, je een normale bloeddruk, een goed groeiend kindje met goede hartactie etc. hebt. Tevens mogen er geen medische belemmeringen zijn in je voorgeschiedenis of familie. Twijfel je of je thuis zou mogen bevallen, bespreek dit dan altijd met je verloskundige.
Verder moet de zwangerschap op of voorbij de 37 weken zijn en voor de 42 weken.

Is bevallen in het ziekenhuis veiliger?

Hier moeten we onderscheid maken tussen een poliklinische bevalling of een bevalling met een medische indicatie. Bij een bevalling met een medische indicatie is bevallen in het ziekenhuis absoluut veiliger. Vaak moeten zowel moeder als baby intensiever gecontroleerd worden dan we in een thuissituatie kunnen doen. Bij een poliklinische bevalling is het medisch gezien niet noodzakelijk om in het ziekenhuis te bevallen, dit is je eigen vrijwillige keuze. Een poliklinische bevalling is in feite hetzelfde als een thuisbevalling maar dan op een andere locatie. Bij beide bevallingen heeft de verloskundige dezelfde instrumenten tot haar beschikking om jou en de baby te controleren en je bevalling te begeleiden. Kortom thuis of in het ziekenhuis bevallen is even veilig.

Wat is een geboorteplan?

In een geboorteplan kun je samen met je partner je specifieke wensen vastleggen met betrekking tot je bevalling. We hebben een document wat je daarbij kan helpen. Je krijgt het in de zwangerschap, rond de 30 weken, van ons toegestuurd. Het is de bedoeling dat iedereen die bij jouw bevalling betrokken is, het leest en er rekening mee houdt. In een geboorteplan leg je je wensen en ideeën vast. Bijvoorbeeld over pijnstilling tijdens de bevalling, over wie bij je bevalling aanwezig mag zijn en of je wilt dat er foto’s gemaakt worden.

Hoe verloopt een normale bevalling?

Tijdens de zwangerschap komt dit natuurlijk uitgebreid aan bod. Vaak heb je al veel informatie van zussen of vriendinnen. Iedereen heeft een uniek verhaal. Het verloop van een bevalling is nooit helemaal te voorspellen maar veel zaken zijn te beïnvloeden door goede begeleiding en een goede voorbereiding.

Wanneer bel je de verloskundige?

Wij zijn 24 uur 7 dagen in de week bereikbaar voor advies en ondersteuning.

Maar bel ons in elk geval bij:

  • Ongerustheid
  • Helder rood vaginaal bloedverlies
  • Minder leven voelen (vanaf 28 weken, zie folder)
  • Vruchtwater verlies voor 37 weken
  • Weeën voor 37 weken

Vanaf 37 wk bel je :

  • Eerste kind: Als je 1 uur lang weeën hebt om de 2-3 minuten, die 60-90 sec. aanhouden.
  • Tweede/derde/vierde kind: Als je 1 uur lang weeën hebt om de 5 minuten, die 60-90 sec. aanhouden. Heb je het idee dat het de bevalling erg snel gaat mag je uiteraard altijd eerder bellen.

Of indien je andere adviezen hebt gekregen op het spreekuur.

Gebroken vliezen

  • Overdag altijd bellen.
  • s‘ Nachts niet bellen als het hoofdje goed is ingedaald, je tussen de 37 en 42 weken zwanger bent, je geen weeën hebt en het vruchtwater helder is. (kunnen witte of rossige vlokjes inzitten) Je belt dan in de ochtend rond 8 uur.
  • Wanneer het hoofdje niet goed is ingedaald tijdens de controle, ga dan liggen en bel meteen de verloskundigen.
  • Als het vruchtwater groen of bruin van kleur is, bel je altijd direct de verloskundigen. Ook ’s nachts.

Het is normaal dat je vanaf 37 weken de slijmprop kunt verliezen. Bij lichtroze of bruin slijmverlies hoef je niet te bellen. Dit is normaal en zegt helaas niets over een aankomende bevalling.

Welke pijnbestrijdingsmogelijkheden zijn er?

TENS
TENS (Transcutane Elektrische Neuro Stimulatie) is een apparaatje waarmee je jezelf kleine stroomstootjes geeft. Dit leidt de aandacht af van de pijn van de weeën. Je bedient het apparaatje zelf – wat je een gevoel van controle kan geven. Via elektrodes (draadjes die op je rug worden geplakt) gaan de stroomstootjes je lichaam in. Dat geeft een prikkelend of tintelend gevoel, vergelijkbaar met koude handen die gaan tintelen als ze weer warm worden.

Voordelen van TENS

  • Sommige vrouwen hebben minder pijn.
  • Het lijkt vooral in het begin van de bevalling te werken.
  • TENS heeft geen bijwerkingen of gevolgen voor jou of je baby.

Nadelen van TENS

  • Je kunt niet met het apparaatje in bad of onder de douche.
  • Je moet het apparaatje steeds vasthouden. Praktische zaken je moet zelf het apparaatje huren. Informeer bij je verzekeraar of het wordt vergoed.

Ruggenprik (‘epiduraal’)
Een ruggenprik is een injectie in je onderrug met een combinatie van verdovende medicijnen. De anesthesioloog brengt onder plaatselijke verdoving onderaan in je rug een naald aan. Daarbij moet je je rug bol maken en zo stil mogelijk blijven liggen of zitten. Via de naald wordt een dun, soepel slangetje in je rug gebracht. De naald gaat er weer uit en het slangetje blijft zitten. Door dit slangetje krijg je tijdens de hele bevalling pijnstillende medicijnen toegediend. Na 15 minuten voel je de verdoving.

De voordelen van een ruggenprik

  • De meeste vrouwen voelen weinig pijn meer tijdens de weeën.
  • De ruggenprik werkt beter dan een injectie met pethidine of een pompje met remifentanil.
  • Je wordt niet slaperig of suf van een ruggenprik en maakt de bevalling dus bewust mee.

De nadelen van een ruggenprik

  • Af en toe werkt een ruggenprik niet of onvoldoende. Hoe vaak dit voorkomt, is niet precies bekend (waarschijnlijk tussen de 5 en 10%).
  • Sommige vrouwen krijgen tijdens een ruggenprik jeuk. Dit heeft te maken met de samenstelling van de medicijnen.
  • Je kunt je bed niet uit, omdat je minder gevoel hebt in je benen. Dat komt langzaam weer terug als de toediening van medicijnen is stopgezet. Bij een lage dosering heb je meer gevoel in je benen en kun je soms staan en lopen.
  • Af en toe komt het voor dat vrouwen na een ruggenprik last hebben van hoofdpijn. Dat kan met medicijnen worden verholpen.

Pompje met remifentanil
Remifentanil is een morfineachtige stof die wordt toegediend via een slangetje in de arm (infuus), dat vastzit aan een pompje. Je kunt zelf met een drukknop de hoeveelheid remifentanil bepalen die je via het infuus krijgt. Het pompje is zo afgesteld dat je jezelf nooit te veel kunt geven.

Voordelen van remifentanil:

  • Remifentanil werkt snel, vaak al na een paar minuten.
  • Remifentanil verdooft de pijn ongeveer even goed als pethidine.
  • Na de bevalling is remifentanil vrij snel uit je bloed verdwenen.

Nadelen van remifentanil:

  • Remifentanil kan van invloed zijn op je ademhaling en op de hoeveelheid zuurstof in je bloed. Daarom moeten jij en je baby bij gebruik van dit middel continu zorgvuldig in de gaten worden gehouden. Hierdoor kan het zijn, dat bij drukte, er geen ruimte is om remifentanil te geven.
  • Remifentanil verdooft de pijn minder goed dan een ruggenprik.
  • Je kunt niet meer rondlopen. Door de sufheid kun je vallen.
  • Welk effect remifentanil op de borstvoeding heeft, is nog niet goed onderzocht.

Zie folder Hoe om te gaan met pijn.
 

Kraambed

Hoe lang duurt de kraamtijd?

In principe duurt een kraamtijd 8 dagen, indien medisch noodzakelijk wordt soms de kraamtijd verlengd tot 10 dagen. De hoeveelheid uren kraamzorg die je krijgt hangt af van je verzekering en je medische situatie.

Het belang van kraamzorg.
Het is belangrijk om vroeg in de zwangerschap kraamzorg te regelen. De kraamverzorgende komt bij jullie thuis tijdens of na de bevalling en let op de gezondheid van moeder en baby. Ze helpt je met de verzorging van je baby, het geven van borstvoeding en neemt tijdelijk een aantal huishoudelijke taken over. Ze houdt voor ons een dossier bij. De kraamzorg wordt verspreid over een aantal dagen, zodat de kraamverzorgende een aantal uren per dag bij jullie is. Wij kunnen ons werk niet goed doen zonder goede kraamzorg.

Welke controles worden er gedaan?

Wij bezoeken je een aantal keer in het kraambed. Samen met de kraamverzorgster kijken we of het goed gaat met jullie en de baby. De kraamverzorgster houdt een dossier bij en overlegt met ons wanneer zij iets niet vertrouwt. We letten bij de moeder op de stuwing van de borsten, het krimpen van de baarmoeder en of eventuele hechtingen mooi genezen. De temperatuur, pols urine productie en het ontlastingspatroon worden in de gaten gehouden. Maar ook houden we in de gaten of het emotioneel goed met je gaat en of je niet meer dan normaal onzeker bent. Bij de baby letten we op de kleur, plassen en ontlasting, het drinkgedrag en de groei.
De achtste dag is in principe de laatste dag van je kraambed. Wij dragen het dossier van de baby over aan het Centrum Jeugd en Gezin. De zorg voor de baby wordt vanaf nu overgenomen door het consultatiebureau.

Onder controle bij de gynaecoloog tijdens de zwangerschap, heb ik dan ook een verloskundige nodig voor het kraambed?

Als je op medische indicatie tijdens de zwangerschap onder controle bent bij de gynaecoloog en in het ziekenhuis bevalt, is er vaak na de bevalling geen reden om in het ziekenhuis te blijven. De gynaecoloog zal de zorg overdragen aan een verloskundige. Je kunt je bij voorkeur tijdens de zwangerschap aanmelden bij ons voor deze nazorg. Wij zullen je na de bevalling en het ontslag uit het ziekenhuis, thuis bezoeken volgens ons normale schema van kraambedcontroles.

Wat is de gehoortest?

De gehoortest wordt bij voorkeur binnen 2 weken na de geboorte verricht, meestal rondom dag 5 van je kraambed. Het onderzoek wordt het liefst verricht als de baby slaapt. De baby krijgt in het oor een klein dopje waaruit een hoge piep komt, de weerkaatsing van het trommelvlies wordt hierbij gemeten. De uitslag krijg je direct. Soms is er teveel omgevingsgeluid en dan moet het onderzoek nogmaals worden uitgevoerd. De aanvraag van de gehoortest wordt vaak gedaan door de kraamverzorgster.

Wat is een hielprik en waarom wordt de hielprik gedaan?

Tussen de 4e en 7e dag na de geboorte van jullie kindje wordt de hielprik bij jullie kindje afgenomen. De hielprik is zoals de naam al zegt een bloedafname uit de hiel van de baby. Het is belangrijk dat de hiel goed warm is. Veel kinderen hebben niet veel last van de prik zelf maar vooral van het stuwen, als de hiel warm is hoeft dit vaak niet. Het bloed wordt gecontroleerd op verschillende ziektes. De ziektes waar naar gekeken wordt zijn vooral stofwisselingsziekten die erg zeldzaam zijn, maar schadelijk voor de baby. Deze stofwisselingsziekten zijn goed te behandelen met een dieet of medicatie. Ook wordt er gekeken naar werking van de bijnieren, de schildklier en naar twee erfelijke vormen van bloedarmoede en de dragerschap hiervan. Als laatste wordt er ook onder andere ook gekeken of jullie kindje mogelijk taaislijmziekte; cystic fibrosis heeft.
De hielprik wordt daarom zo vroeg mogelijk verricht om op tijd te kunnen handelen. Wanneer je geen reactie van je huisarts of van ons krijgt binnen 3 weken, is de uitslag goed. In sommige gevallen kan het zijn dat er iets misgegaan is in het laboratorium, je krijgt dan bericht en de hielprik zal dan opnieuw worden afgenomen, dit gebeurt echter zelden.
Rond de 36 weken zwangerschap krijg je een folder over de hielprik van ons met verdere uitleg hierover.

Hoe doe ik aangifte na de geboorte?

Je bent verplicht om binnen 3 dagen na de geboorte van je baby aangifte te doen. Dat doe je in de gemeente waar je kind is geboren. Na de aangifte geeft de ambtenaar van de burgerlijke stand een geboorteakte af.
Binnen 3 dagen geboorteaangifte doen
Is het niet mogelijk om een geboorteaangifte te doen door het weekend of een feestdag? Dan wordt de termijn voor de aangifte verlengd zodat er ten minste 2 werkdagen overblijven om geboorteaangifte te doen.

Wat zijn veel voorkomende klachten in de kraamtijd?

Bekkenbodemklachten
Je bekkenbodemspieren worden tijdens de bevalling opgerekt. Na de bevalling krijgen deze spieren weer langzaam hun oude vorm en kracht terug. Je kunt last van bekkenbodemklachten krijgen. Hoe herken je deze en wat doe je hieraan?

Je kunt last krijgen van de volgende klachten:

  • urineverlies, vooral bij hoesten, niezen en tillen (stress-urine-incontinentie)
  • niet goed kunnen ophouden van windjes
  • verlies van ontlasting
  • een zwaar drukkend gevoel in de onderbuik en de bekkenbodem
  • pijn in het bekkenbodemgebied, bijvoorbeeld tijdens het fietsen of pijn bij het vrijen

Ongeveer 6 weken na de bevalling horen de klachten – met oefeningen – te verminderen. Gebeurt dit niet, neem dan contact op met je huisarts of een bekkentherapeut.

Als je uitgerust bent na de bevalling, kun je direct met een aantal oefeningen beginnen om je bekkenbodemspieren weer te verstevigen. Tips volgen in het kraambed.

Bloedverlies
De eerste 24 uur na de bevalling heb je meestal last van ruim vaginaal bloedverlies. Je kunt hierbij ook stolsels verliezen. Soms zijn deze vuistgroot. Zolang je je goed voelt kan dit geen kwaad. 2 grote stolsels is oké, heb je er 3 of meer bel je verloskundige. Je verliest teveel bloed als je elk kwartier een vol maandverband hebt. Neem dan contact op met je verloskundige. Het is normaal om ongeveer elke 3 uur je maandverband te moeten verschonen. De dagen na de bevalling is het bloedverlies meestal meer dan bij een normale menstruatie. Na een paar dagen wordt het bloedverlies minder. Het kan zo’n 4 tot 6 weken aanhouden. Het is dan geen helderrood bloedverlies meer, maar wat bruiner. Aan het einde van de kraamperiode zal het meer witte of gele afscheiding zijn.

Hechtingen
Je verloskundige vertelt je of je hechtingen hebt. Hechtingen horen in principe geen pijn te doen.
Wel kunnen ze op dag 4-5 wat gaan trekken. Heb je wel een pijnlijke bekkenbodem?
Tips:

  • Neem ’s ochtends en ’s middags een warme douche
  • Ga op de hechtingen zitten. Het liefst op een harde ondergrond
  • Koel de hechtingen met koude kompressen
  • Neem paracetamol

De eerste dagen na de bevalling is plassen vaak gevoelig. Dit komt doordat urine zuur is en mogelijk wat bijt in de wond. Om dit te verhelpen kun je tijdens het plassen met water spoelen, bijvoorbeeld met behulp van een kannetje. Plassen onder het douchen kan ook helpen. Stel het plassen niet uit. De kraamverzorgende controleert de wond elke dag en belt de verloskundige als iets niet goed geneest. De hechtingen lossen vanzelf op. Rond de 7e dag kunnen eventueel pijnlijke hechtingen worden verwijderd.

Koortslip
Een pasgeboren baby is erg vatbaar voor infecties. Het herpesvirus, wat de koortslip veroorzaakt, kan je baby ziek maken. Wanneer je zelf een koortslip hebt is het belangrijk om goed op je hygiëne te letten. Draag eventueel een mondkapje en was goed je handen, ter voorkoming van besmetting. Als er bezoek komt met een koortslip, laat deze dan niet zoenen of knuffelen met jullie kindje. Zeker de eerste 3 maanden maar pas op totdat hij/zij 1 jaar oud is.

Kraamtranen
Meer dan de helft van de kraamvrouwen heeft last van kraamtranen, ofwel: babyblues. Je herkent kraamtranen aan plotselinge stemmingswisselingen en/of onverwachtse huilbuien. Dat komt doordat de vermoeidheid toeslaat, je hormonen ‘van slag’ zijn, je misschien last van stuwing hebt en je ineens een baby hebt waar je voor moet zorgen. Op de 3de tot 5de dag na de bevalling kun je ineens heel emotioneel worden. Het wordt je allemaal teveel en je moet dan ineens huilen. Meestal verdwijnen de babyblues vanzelf na een paar dagen. Je kunt op deze dagen beter rustig aan doen en niet te veel kraamvisite ontvangen. Houdt dit gevoel aan, neem contact op met je verloskundige.

Naweeën
Vaak heb je na een eerste bevalling weinig tot geen last van naweeën. Na een tweede of derde bevalling kun je hier wel last van hebben. Paracetamol kan helpen (maximaal 6x 500mg per 24 uur). Borstvoeding versterkt het gevoel van naweeën. Naweeën zijn er niet voor niets. Ze zorgen ervoor dat de baarmoeder snel krimpt en dat je minder vloeit. De naweeën zullen na een paar dagen minder worden en verdwijnen. Een warme kruik tegen je onderbuik kan soms verlichting brengen.

Psychische problemen
De eerste periode na de bevalling heeft 1 op de 10 vrouwen last van lichte tot zeer ernstige psychische klachten. Hoe herken je deze en wat is er aan te doen?

Postnatale depressie
Een postnatale depressie herken je aan somberheid, nergens zin in hebben, niet willen eten en niet kunnen slapen. Heb je sombere buien die niet weggaan, lig je de hele nacht wakker, kun je niet van dingen genieten (ook niet van je pasgeboren baby; misschien wil je hem ook niet vasthouden of wens je dat hij nooit geboren was), heb je geen eetlust en zie op tegen de dag, praat daar dan over met je verloskundige of kraamverzorgende. Bij 1 op de 10 vrouwen gaan deze depressieve gevoelens na de bevalling niet vanzelf over. Zij komen in een postpartum depressie terecht, oftewel een postnatale depressie. Deze depressie kan weken, maanden of soms langer aanhouden.

Symptomen
Er zijn verschillende gradaties in een postnatale depressie, van licht tot zeer ernstig. Huilen, angst en prikkelbaarheid, piekeren en slecht slapen zijn de meest karakteristieke kenmerken. Soms is er extra begeleiding nodig bij het opbouwen van een goede band tussen jou en de baby. In de meeste gevallen is een postnatale depressie te behandelen met therapie, met medicijnen of met een combinatie van beiden. Dus: als je deze klachten herkent, praat er dan over met je verloskundige of met de kraamverzorgende.

Zweten
Soms zweet je zoveel dat je midden in de nacht een droog shirt moet aantrekken. Dit is een normaal verschijnsel dat spontaan weer verdwijnt.

Spierpijn
Een bevalling wordt vergeleken met het lopen van een marathon. En dat is niet voor niets. Na een (normale) bevalling is het normaal om over je hele lichaam spierpijn te hebben en stijf te zijn.
Tip: Doe rustig aan en laat je verwennen, waardoor je lichaam rustig herstelt.

Stoelgang
De eerste paar dagen heb je meestal nog geen ontlasting. Het kan lastig zijn om weer ontlasting te hebben, maar vaak valt het mee.
Tips:
• Drink voldoende
• Eet vezelrijk
• Neem de tijd voor eten en drinken

Wennen aan nieuw leven
Er zijn vrouwen die na de geboorte van een kind op een roze wolk zitten en alleen maar genieten. Toch merken de meeste vrouwen dat het herstellen van een bevalling en het wennen aan een nieuw leven met baby best pittig is.

Rust
Bevallen is zwaar. Je lichaam heeft daarom ook tijd en rust nodig om te herstellen. Natuurlijk is het is fijn als je je snel na de bevalling lichamelijk weer goed voelt, maar doe rustig aan. Als de kraamverzorgende straks weg is, moeten jullie het alleen doen. Bovendien zul je ’s nachts nog moeten voeden. Probeer dus te rusten als de baby slaapt. Als je vermoeid bent, kun je veel minder hebben en daardoor kun je het gevoel krijgen de controle te verliezen.

Wennen aan de baby
De eerste tijd met je baby is er om elkaar te leren kennen. De komst van jullie baby heeft een grote impact op je leven. Je hebt de tijd nodig om hieraan te wennen. Je baby heeft behoefte aan liefde, geborgenheid en veiligheid. Als je baby huilt, kun je hem beter oppakken en troosten. Dit geeft hem vertrouwen. En hoe meer je contact maakt met je baby, hoe beter je hem zult begrijpen.

Onzekerheid
Onzekerheid over het ouderschap komt vaak voor: Kun je het allemaal wel? Was dit wat je voor ogen had? Troost je: naarmate de tijd vordert krijg je er meestal vanzelf meer vertrouwen in!

Ontzwangeren
Na de bevalling begint het ontzwangeren. Dit betekent dat je lichaam weer zijn oorspronkelijke staat terugkrijgt. Er vinden grote veranderingen plaats in de hormoonproductie van je lijf. De hormoonspiegel daalt tijdelijk en wordt zelfs lager dan vóór de zwangerschap. Je lichaam maakt veel minder progesteron en oestrogeen aan, en begint meteen na de bevalling met het aanmaken van hormonen die de melkproductie stimuleren en zorgen voor het samentrekken van de baarmoeder.
Je kunt tijdens het ontzwangeren last krijgen van:

  • moeheid
  • prikkelbaarheid
  • concentratieproblemen
  • somberheid
  • rugpijn
  • hoofdpijn
  • haaruitval
  • onregelmatige of uitblijven van je menstruatie
  • je niet fit voelen

Het ontzwangeren duurt meestal zo’n 9 maanden.

Wat als het nu niet over gaat?
Sommige vrouwen blijven last hebben van klachten als somberheid, moeheid, of prikkelbaarheid. Niet iedereen zit op een roze wolk! Sterker nog, de meeste vrouwen zitten daar niet op of maar eventjes… Blijf niet tobben, maar bespreek dit met je verloskundige of huisarts.
 

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten